‘Wat goed dat je terug bent,’ begint Paul.
‘Het wordt toch vergoed,’ zegt Katja.
Paul zet zijn plooien in een glimlach.
‘Goed. Hoe is het je vergaan sinds onze vorige sessie?’
Katja staart naar het schaaltje met koekjes en zucht.
‘Ik heb toch verteld over Frits?’
‘Die “tijdelijke aanwezigheid in je bestaanssleur” zoals je hem de vorige keer noemde?’
Katja knikt.
‘Ja dat. Ik heb sinds kort verscheidene nachtmerries.’
Paul schuift langzaam dichterbij.
‘Vertel,’ zegt hij met een zachte stem.
‘Dat hij de liefde bedrijft met Barbara.’
‘Barbara?’
‘Mijn ingegroeide tweelingzus. Een beetje opletten, Paul.’
Paul neemt een momentje voor zichzelf en trekt een diepe frons.
‘Die “mislukte puzzelpoes uit Schubbekutveen” waar je laatst aan refereerde?’
Katja knikt wederom.
‘Wat doet dat met je?’
‘Hoe bedoel je?’
‘Wat doet het met je gevoelens?’
Katja staart hem niet begrijpend aan.
‘In ieder geval,’ gaat ze verder. ‘Ik denk dat ik haar laat amputeren.’
‘Dat is nogal wat,’ zegt Paul terwijl hij op een koekje knabbelt.
‘Ach, ik ben klaar met die parasiet.’
Paul kijkt haar indringend aan.
‘Volgens mij is hier iets anders aan de hand.’
Katja kijkt indringend terug.
‘Nee, dat denk ik niet.’
‘Volgens mij,’ Paul neemt een teug adem, ‘ben je verliefd.’
Katja vergeet te knipperen en te ademen.
‘Op Frits,’ verklaart Paul nader.
Plots geeft Katja over.
‘Bah, moet ik weer naar de kerk.
Ik heb vorige week ook al iets uit laten drijven.’
Paul glimlacht en geeft haar de rekening.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten